Inflatie is het stille lek in je portemonnee. Je ziet je saldo niet dalen, maar je kunt er elk jaar iets minder voor kopen. Wie zijn geld jarenlang stil laat staan, verliest ongemerkt koopkracht. Gelukkig kun je je daartegen wapenen.
Wat inflatie precies doet
Inflatie betekent dat prijzen gemiddeld stijgen. Een boodschappenmandje dat vandaag honderd euro kost, kost over een jaar bij twee procent inflatie honderdtwee euro. Je geld wordt dus niet minder in aantal, maar wel minder waard. Dat raakt vooral spaargeld dat weinig rente oplevert.
Waarom sparen alleen niet genoeg is
Staat je spaarrente onder de inflatie, dan lever je per saldo in. Je krijgt wel wat rente, maar minder dan de prijzen stijgen. Voor je noodbuffer is een spaarrekening nog steeds verstandig, maar voor geld dat je jaren niet nodig hebt, is stilstand eigenlijk achteruitgang.
Manieren om koopkracht te beschermen
- Beleggen voor de lange termijn: breed gespreid beleggen levert historisch gezien meer op dan inflatie, al horen er schommelingen bij.
- Aflossen van schulden: rente die je niet meer betaalt, is gegarandeerd rendement.
- De beste spaarrente opzoeken: verschillen tussen banken kunnen oplopen.
Houd je horizon in gedachten
Korte termijn
Geld dat je binnen enkele jaren nodig hebt, houd je veilig op een spaarrekening. Het risico van beleggen weegt dan niet op tegen de korte tijd.
Lange termijn
Voor geld dat tien jaar of langer kan blijven staan, is beleggen vaak de beste verdediging tegen inflatie, mits goed gespreid en tegen lage kosten.
Conclusie
Inflatie knaagt langzaam aan je vermogen. Houd een buffer op spaargeld, maar laat geld dat je lang kunt missen voor je werken, zodat je koopkracht behoudt in plaats van verliest.